Zoeken
  • Mark Verelst

Mindfulness en niet-oordelen


“Willen we een effectievere manier ontdekken om met stress in ons leven om te gaan, dan is het eerste wat we zullen moeten doen, ons van [onze] automatische oordelen bewust worden, zodat we door onze eigen vooroordelen en angsten heen kunnen kijken en ons uit hun tirannie kunnen bevrijden.” (Kabat-Zin, J., Gezond leven met mindfulness, 2014, 64.)

Bij mindfulness gaat het om meer dan enkel het oefenen van bepaalde technieken, zoals het trainen van aandacht, meditatietechnieken, enz. Er zijn ook bepaalde houdingen die de beoefening van mindfulness ondersteunen. Deze houdingen zijn niet-oordelen, geduld, een frisse blik, vertrouwen, niet hoeven streven, openheid en mildheid.

In deze blogpost ga ik dieper in op de eerste van deze houdingen, met name de houding van niet-oordelen.

Niet-oordelen is een heel belangrijk onderdeel van de mindfulness beoefening en wordt zelfs uitdrukkelijk genoemd door Jon Kabat-Zin in zijn definitie van mindfulness: “het bewustzijn dat ontstaat door het intentioneel hier en nu plaatsen van de aandacht zonder te oordelen”. En het niet oordelen is een echte uitdaging. Want, als je begint aandacht te schenken aan wat er in je geest opkomt, ontdek je heel snel dat we ideeën en meningen hebben over zowat alles. We zijn voortdurend bezig met het beoordelen van dingen in de zin van: dit ik wil en dat wil ik niet; dit is goed, dat is slecht. Het is een constante stroom van oordelen. Als we dus spreken over mindfulness als een niet-oordelend bewustzijn, betekent dit niet dat er geen oordelen zullen zijn; dat zou een haast onmogelijke opdracht zijn. Het betekent dat je je meer en meer bewust wordt van hoe oordelend we in feite wel zijn en dan niet te oordelen over het oordelen.

Als we er ons in die zin toe verhouden, dan beginnen we te zien dat ons oordelen heel vaak zwart-wit is. Het is ofwel dit, ofwel dat: goed of slecht, leuk of niet leuk, dit wil ik, dat wil ik niet. We kunnen soms ook vaststellen dat een bepaalde situatie vaak automatisch een bepaalde reactie bij ons teweegbrengt. Door zulk een manier van zwart-wit oordelen en de snelheid waarmee onze geest dit doet, zetten we ons vast in onze oude gewoonte- en reactiepatronen en laten we nog weinig ruimte voor andere, bewustere keuzes.

Maar, niet-oordelend worden betekent natuurlijk ook niet dat je meteen elke vorm van onderscheid en/of keuzes maken achterwege laat. Als je buiten stapt op straat en je denkt: “Wel, ik ben niet-oordelend, dus ik hou geen rekening met de bus die er komt aangereden, het maakt toch geen verschil”… Leven betekent natuurlijk steeds keuzes maken. Niet-oordelen betekent wel dat we onderscheidingsvermogen cultiveren. Dit is de vaardigheid om te zien wat er zich werkelijk voordoet, niet om het onmiddellijk te be- of veroordelen maar om het te herkennen en het beter te begrijpen.

Dat is waarover we spreken als we spreken over niet-oordelend bewustzijn: een heel fijn soort onderscheidingsvermogen en helderheid. En tegelijkertijd met deze helderheid blijf je dus de tendens van onze geest opmerken om heel snel te oordelen: leuk, niet leuk, dit wil ik, dat wil ik niet. Hierbij ga je er dan ook bewust van worden dat deze tendens om onmiddellijk te oordelen een soort van sluier of filter creëert voor onze ogen die ons niet toestaat om de dingen te zien zoals ze zijn, maar ons enkel toestaat om ze te zien door de lenzen van onze eigen ideeën en opinies, onze voor- en afkeuren, wat ons zo goed als blind maakt bij het maken van onze keuzes. Omdat ons oordelen al onze ervaringen kleurt, zijn onze gedachten over de werkelijkheid op zijn zachtst gezegd niet waarheidsgetrouw. Vaak zijn het enkel persoonlijke meningen en vooroordelen berustend op onze beperkte kennis en vroegere ervaringen.

Dit bliksemsnel beoordelen van alles wat we ervaren doen we steeds op automatische piloot. Vaak helpt het ons in een bepaalde situatie niet vooruit maar bezorgt het ons nog meer stress en negatieve emoties. Hierdoor maken we soms een al onprettige situatie nog erger door onze eigen gedachten en oordelen hierover. Zo kan het bijvoorbeeld zijn dat je in de aanloop van een belangrijke meeting op het werk al ruim tevoren met de gedachte rondloopt dat die ene collega wel zijn to do’s niet zal hebben gedaan of dat er ‘weer’ geen beslissingen zullen worden genomen. Deze gedachten maken de situatie voor jezelf nog lastiger en dragen in wezen niets bij aan een oplossing van een probleem dat er misschien niet eens is. Want, wie weet, heeft de collega wel netjes zijn werk gedaan en kom je de meeting uit met duidelijke antwoorden … En, als dat toch niet het geval blijkt te zijn, is het op de meeting zelf of nadien dat er je effectief iets mee kan doen. Het veel be- en veroordelen vooraf is meestal vrij zinloos en vermoeiend.

Het zich meer en meer bewust worden van dit oordelen is een prachtige oefening en na een aantal dagen, weken, jaren gaan we een manier vinden om door al ons oordelen te navigeren op zulk een manier dat het niet langer ons leven domineert op de manier dat het dat vandaag doet. We gaan ook erkennen dat, wanneer het zich voordoet, het in zekere zin toxisch is. Hoe meer we het voortdurend oordelen onderzoeken en hoe meer we kunnen rusten in open bewustzijn, hoe meer we in ons leven van moment tot moment ruimte kunnen maken voor bewustere keuzes zonder vast te zitten in de ongezonde gewoonte- en reactiepatronen van onze geest.


58 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven